LGBTI+

Persoon houdt papier vast met de letters 'LGBTI' op

LGBTI+, wat betekenen nu al die letters juist en hoe ga je om met die lettersoep? Ontdek het hier!

Wat gebruikt çavaria?

Çavaria is de Vlaamse belangenverdediger van LGBTI-mensen en koepel van LGBTI-organisaties.

Wanneer gebruik je wat?

Het is belangrijk dat je enkel de groepen vermeldt waar je het effectief over hebt. Schrijf niet LGBTI als je enkel holebi's bedoelt. Schrijf niet queer als je transgender bedoelt. Er zijn dus geen regels over welke term je waar gebruikt. Dat hangt af van het onderwerp waar je mee bezig bent.

Lettersoep

L: lesbisch
G: gay/homo
B: bi 
T: transgender
I: intersekse
Q: queer
Q: questioning/nog zoekend
A: aseksueel/aromantisch
P: panseksueel

+

Het plusteken dat soms achter afkortingen gebruikt wordt, verwijst naar alle personen en groepen die buiten de (cis)gender- en heteronorm vallen, maar niet onder 1 van de genoemde letters.

-

Samenstellingen met een afkorting schrijf je met een liggend streepje. Als de afkorting eindigt op + blijft deze regel gelden. Je schrijft dus LGBTI+-vereniging. 

Afkorting of voluit?

De eerste keer schrijf je alles best voluit of zet je na de afkorting die je gebruikt tussen haakjes waar de letters voor staan. Op die manier is iedereen direct mee met wat je bedoelt. Verder in je tekst kan je afkortingen gebruiken.
 
Moet je heel vaak LGBTI gebruiken in je tekst? Dan kan je bij wijze van afwisseling soms eens alles voluit schrijven.

Doelgroep of thema?

In sommige contexten kan het interessanter zijn om het te hebben over de thema's waarrond je werkt (seksuele diversiteit en genderdiversiteit) dan over de doelgroepen