Voornaamwoorden in e-mail

In de e-mailhandtekening van de medewerkers van çavaria kan je zien welke voornaamwoorden die persoon verkiest, of dat nu de 'traditioneel' mannelijke of vrouwelijke zijn, of genderneutrale. Op die manier willen we aangeven dat voornaamwoordgebruik niet altijd even vanzelfsprekend is en verder de genderbinariteit doorbreken.

We gebruiken allemaal voornaamwoorden (hij/zij/zijn/haar/hem...) wanneer we naar iemand verwijzen. Vaak denken we daar zelfs niet bij na. Op basis van iemands kledij, kapsel, naam of stem veronderstellen we meteen welke genderidentiteit die persoon heeft en gebruiken we de voornaamwoorden die daar -volgens ons- bij horen. Lezen we iemand als man, zeggen we ‘hij’ en ‘zijn’, lezen we iemand als vrouw, zeggen we ‘zij’ en ‘haar’.

In brieven, mails en contacten wordt maar al te vaak de aanspreektitel gebruikt die aansluit bij het geboortegeslacht. In telefonisch contact vraagt men steeds naar ‘meneer’ of ‘mevrouw’. Dit komt voor velen als een vaststaand gegeven waar verder geen aandacht aan moet geschonken worden. We delen de maatschappij daardoor ook onbewust op taalkundig vlak op in twee mogelijkheden: man of vrouw.

Wie een partner heeft van hetzelfde geslacht krijgt vaak automatische briefwisseling met ‘Meneer en Mevrouw’. Ook dit reflecteert de hetero- en gendernorm die in onze taal zit ingebakken. 

Maar de realiteit is natuurlijk complexer dan dat.

Binariteit doorbreken

Mensen met een non-binaire genderidentiteit moeten zich hierbij neerleggen en voelen zich verplicht te ‘kiezen’ voor mannelijke of vrouwelijke voornaamwoorden. Dat is voor hen erg oncomfortabel. Zij worden eigenlijk taalkundig onzichtbaar gemaakt, wat de maatschappelijke onzichtbaarheid wederom versterkt.

Als je steeds met ‘meneer’ wordt aangeschreven terwijl je je ‘mevrouw’, beide, of geen van beide voelt, word je herhaaldelijk met je neus op het genderbinair systeem geduwd dat in onze maatschappij gangbaar is.

Het is van belang om het begrip ‘gender’ breed in te vullen en te erkennen dat gender een spectrum is dat meer omvat dan de binaire ‘man-vrouw-opdeling’. 

Daarnaast is het ook nodig om genderstereotypen (dat zijn normen en de daaraan verbonden verwachtingen) aan te pakken die sommige personen verhinderen zichzelf te zijn. Taal beïnvloedt attitudes, gedrag en perceptie. Door het gebruik van genderinclusieve taal wordt er vanzelfsprekender rekening gehouden met diversiteit op vlak van gender en seksualiteit. Individuen, organisaties en bedrijven die genderinclusief taalgebruik hanteren dragen zo actief bij tot een inclusievere maatschappij.

Door je taalgebruik inclusiever te maken, voelen LGBTI+-personen zich maatschappelijk meer erkend en aanvaard. Zo kan taalgebruik de emancipatie van mensen ondersteunen.

Die/hun 

Voornaamwoorden zijn woorden die naar iets of iemand verwijzen. Om naar mannen te verwijzen gebruikt men hij/hem/zijn, voor vrouwen is er zij/haar/haar. Een genderneutrale optie om te verwijzen naar mensen die geen mannelijke of vrouwelijke voornaamwoorden gebruiken, is die/hen/hun. 

In de Engelse taal wordt ‘they/their’ gebruikt wanneer wordt verwezen naar iemand die genderneutrale voornaamwoorden verkiest. Naar analogie met het Engels verkiezen veel mensen met een non-binaire genderidentiteit vandaag de voornaamwoorden ‘die/hun’ in het NederlandsHiermee wordt aangegeven dat de genderidentiteit van iemand niet gekend, of non-binair is.

Die/hun

Die/hun

Een genderneutrale optie om te verwijzen naar mensen die geen mannelijke of vrouwelijke voornaamwoorden gebruiken, is die/hen/hun.
Zij/haar

Zij/haar

Mensen die zich als vrouw identificeren, gebruiken de voornaamwoorden zij/haar.
Hij/zijn

Hij/zijn

Mensen die zich als man identificeren, gebruiken de voornaamwoorden hij/zijn.