Vormingen Onderwijs

Vul een trefwoord in en/of kies onderstaande filters om de resultaten te beperken

Wanneer het woord homo ter sprake komt, reageert de helft van de klas met: ‘Eikes, dat is iets vies!’ Karel weigert in de klas met meisjes te werken ‘omdat dat niet mag van zijn papa’. Luna laat duidelijk haar misprijzen blijken over de boterham met varkensvlees van Sarah. ‘Mensen die van geslacht veranderen, moeten ze hun leven lang opsluiten in het ziekenhuis’, vindt Youssef. ‘Afrikaanse mensen zijn lui’, meent Guillaume te weten.

Als een school zegt dat ze aandacht heeft voor diversiteit, beperkt zich dat nog vaak tot aandacht voor multiculturaliteit. Maar diversiteit is meer dan het hebben over enkel culturele verschillen. In deze vorming bekijken we diversiteit eens door een andere bril.

Jongens en meisjes zijn verschillend. Omdat we verschillen tussen de geslachten zo makkelijk zien, vergeten we soms hoe groot de verschillen binnen de geslachten zijn. Dat heeft een grote invloed op de ontwikkelingskansen van kinderen en bijgevolg op de arbeidsmarkt. Het is geen toeval dat veel knelpuntberoepen een erg mannelijke (ingenieur, technicus, elektricien,…) of erg vrouwelijke (verpleegkundige, kinderverzorgster,…) lading hebben. Er zijn redenen waarom jongens en meisjes gemiddeld heel andere studierichtingen kiezen.

Holebi’s: dit onderwerp wordt in veel basisscholen ten onrechte afgedaan als ‘iets voor het secundair onderwijs’. Niets is minder waar. Kinderen leren al van in de kleuterklas wat ‘normaal’ en ‘abnormaal’ is. Ze leren hoe jongens en meisjes zich horen te gedragen. ‘Meisjesachtige’ jongens en ‘jongensachtige’ meisjes worden door klasgenootjes gewezen op hun ‘afwijkende’ gedrag of zelfs gepest. Wat relaties betreft, krijgen jonge kinderen nog vaak een wereldbeeld voorgeschoteld waarin iedereen heteroseksueel is. Door holebi’s dood te zwijgen, wordt hetero zijn de norm.

Je kreeg te horen dat één van je leerlingen transgender (gendervariant, genderdysfoor) is. Voor de meeste directies en leerkrachten is dat wel even schrikken. In deze vorming gaan we in op de – vaak praktische – vragen die dit meebrengt. Wat is dat ‘transgender zijn’ precies? Hoe ga je op een correcte manier om met een meisje dat zich een jongen voelt of omgekeerd? In hoeverre moeten we een kind volgen in zijn wens om te leven als het andere geslacht? Een jongen die in een rokje naar school wil: moeten we dat verbieden of toelaten? Met welke naam spreken we het kind aan?

Pagina's