Op 1 december, Wereldaidsdag, staat de wereld stil bij mensen die leven met hiv. 91% van de nieuwe hiv-diagnoses in België in 2010 werd gesteld bij mannen. Bij mannen gebeurt de overdracht van hiv in 8 op de 10 gevallen door homoseksueel contact. De holebi- en transgemeenschap is zich al lang bewust van deze stijgende trend. Toch blijft hiv binnen de beweging nagenoeg onzichtbaar. Çavaria benadrukt dat dit een gevaarlijke evolutie is: hiv is wél een homozaak!
Mieke Stessens: "Jaar na jaar zien we de hiv-cijfers bij homomannen stijgen. Toch heeft dit blijkbaar niet tot gevolg dat hiv een 'hot item' is binnen onze gemeenschap. Sterker nog: hiv is een taboe. Er wordt te weinig over gesproken."
Tijdens de aidscrisis van de jaren '80 - aids werd toen 'homokanker' genoemd- was de solidariteit binnen de gemeenschap groot. Dat moest ook, want wie hiv kreeg ontwikkelde snel aids en stierf. Homo's vochten toen, als zelfbeschermende reflex, tegen de idee dat aids een homoziekte zou zijn.
Vandaag lijkt de solidariteit grotendeels verdwenen. Hiv-positieve homo's kunnen nu, dankzij de nieuwe medicatie, perfect leven met hiv en worden niet noodzakelijk ziek. Daardoor is hiv onzichtbaar en onbespreekbaar geworden. Homo's lijken nog steeds vast te houden aan het idee dat hiv een 'ver-van-mijn-bed-show' is.
Mieke Stessens: "We roepen al jaren op tot solidariteit met hiv-positieve homo's, maar we moeten dat concretiseren. Solidariteit betekent dat homo's veilig vrijen en dat ook actief als levensstijl gaan promoten, dat ze aan hun vrienden durven vragen of ze hiv hebben, dat ze hen steunen wanneer dit effectief het geval blijkt en ze zonder schroom over hiv kunnen praten. Solidariteit mag geen hol begrip zijn. Het moet betekenen dat homo's écht voor elkaar zorgen".